Diefstalbeveiliging
Elektronische startbeveiliging
In de sleutels is een chip aangebracht die over
een geheime code beschikt. Om te kunnen
starten, moet bij het aanzetten van het contact
de code van de sleutel worden herkend door de
startbeveiliging.
Deze elektronische startbeveiliging blokkeert
het motormanagementsysteem zodra het
contact wordt afgezet en voorkomt zo het
starten van de motor bij een inbraak.
Bij een storing in het systeem wordt u
gewaarschuwd door een melding op het display
van het instrumentenpaneel.
De auto kan dan niet gestart worden.
Raadpleeg zo snel mogelijk het PEUGEOT-netwerk.
Omwille van de veiligheid en ter voorkoming
van diefstal: laat nooit de elektronische
sleutel in de auto achter, ook niet wanneer u
in de buurt bent.
Het is raadzaam de sleutel bij u te houden.
LESEN SIE MEHR:
Zet de auto stil.
Druk op de knop
"START/STOP"
terwijl de elektronische sleutel zich
in het interieur van de auto bevindt.
Aantrekken
Trap het rempedaal in en trek de hefboom
van de parkeerrem aan om uw auto stil te
zetten.
Elke keer dat de schakelaar wordt
ingedrukt, wijzigt de intensiteit van de
stoelverwarming en gaan de controlelampjes
die aangeven welke stand is
ingeschakeld (oranje) als volgt branden:
hoog (3 segmenten branden) → midden
(2 segmenten branden) → laag (1
segment brandt) → uit