Achterklep
LESEN SIE MEHR:
De portieren en de achterklep worden tijdens
het rijden automatisch vergrendeld bij een
snelheid hoger dan 10 km/h.
Om deze functie in of uit te schakelen
(standaard is deze functie geactiveerd):
Druk, nadat de achterklep of alle
portieren van de auto zijn ontgrendeld,
op de schakelaar voor het openen van de
achterklep en open de achterklep.
De ruitenwissers kunnen worden gebruikt als ruitenwissers met
intervalregeling,
die werken ongeacht de rijsnelheid of de hoeveelheid regendruppels. Er kan
tussen
de functies van de ruitenwissers met intervalregeling worden overgeschakeld
wanneer de auto stilstaat en de ruitenwissers zijn uitgeschakeld. De werking
van de ruitenwissers kan niet worden gewijzigd wanneer de AUTO-modus of de
intervalregeling is ingeschakeld.