Automatische koplamphoogteverstelling bij xenonlampen

Om verblinding van andere weggebruikers
te voorkomen corrigeert dit systeem bij
stilstaande auto automatisch de hoogte van de
lichtbundel van de xenonlampen, afhankelijk
van de belading van de auto.
In het geval van een storing
verschijnt dit pictogram op het
instrumentenpaneel, in combinatie met
een geluidssignaal en een melding op
het display van het instrumentenpaneel.
Het systeem zet in dat geval de koplampen in
de lage stand.
Raak in het geval van een storing de
xenonlampen niet aan. Raadpleeg
het CITROËN-netwerk of een
gekwalificeerde werkplaats.
LESEN SIE MEHR:
Verstel de koplampen met halogeenlampen
afhankelijk van de belading van uw auto
om verblinding van medeweggebruikers te
voorkomen.
Als het dimlicht of grootlicht is ingeschakeld,
volgen de lichtbundels van de meedraaiende
koplampen de richting van de weg.
Deze functie is alleen mogelijk in combinatie
met xenonlampen en zorgt voor een aanzienlijk
beter zicht in bochten.
Deze functie werkt niet:
bij stilstand of zeer lage snelheden,
als de achteruit is ingeschakeld.
Motor uitschakelen
Stop de auto.
Zet de transmissie in neutraal.
Laat het koppelingspedaal en gaspedaal los.
Motor opnieuw startenTrap het koppelingspedaal in.
N.B.: Om maximaal voordeel
uit het systeem te halen, moet de transmissie in neutraal worden gezet
en het koppelingspedaal bij een stop van langer dan drie seconden worden
losgelaten.