Identificatie
De auto is voorzien van verschillende zichtbare merktekens voor de
identificatie en registratie van de auto.

- Serienummer onder de motorkap.
Dit nummer is ingeslagen in de carrosserie,
bij de schokdempersteun.
- Serienummer op de onderste
voorruittraverse.
Dit nummer staat op een sticker en is
zichtbaar door de voorruit.
- Constructeurssticker.
Dit nummer staat op een eenmalige
sticker op de portiersponning, aan
passagierszijde.
- Sticker bandenspanning/kleurcode van de lak.
Deze sticker is op de middenstijl aan
bestuurderszijde bevestigd,
en bevat de volgende informatie:
- bandenspanning zonder en met volle
belading,
- bandenmaat,
- bandenspanning van het reservewiel,
- kleurcode van de lak.
Controleer de bandenspanning
minimaal één keer per maand, bij koude
banden.
De achterste zijruit is van
polycarbonaat en kan daardoor niet
worden gegraveerd.
Een te lage bandenspanning
veroorzaakt een hoger
brandstofverbruik.
LESEN SIE MEHR:
* Het maximumvermogen komt overeen met de op de testbank gehomologeerde
waarde, onder de omstandigheden die zijn vastgelegd in de Europese
regelgeving (richtlijn 1999/99/CE).
Condens in de voor- en achterlampen van de buitenverlichting
Voor- en achterlampen van de buitenverlichting hebben
ontluchtingsopeningen ten behoeve van normale wijzigingen in de
luchtdruk.Condensvorming kan een natuurlijke bijkomstigheid van deze
constructie zijn. Wanneer vochtige lucht via de
ontluchtingsopeningen in de lampeenheid binnendringt, bestaat de
mogelijkheid dat condensvorming optreedt wanneer de temperatuur laag
is. Wanneer normale condensvorming optreedt, kan zich een licht waas
aan de binnenzijde van de lens vormen. Dit fijne waas verdwijnt
wanneer de lampen normaal in bedrijf zijn geleidelijk via de
ontluchtingsopeningen.
Onder droge weersomstandigheden kan dit oplossen 48 uur duren.