Instructieboekje, auto handleidingen

Radiomodus (type B )

Bediening radiom

Bediening radiom

  1. Functieweergave Geeft de huidige modus weer.
  2. Frequentie Geeft de huidige frequentie weer.
  3. Voorkeuze Geeft het huidige voorkeuzenummer weer 1~6 .
  4. Voorkeuzeweergave Geeft de opgeslagen voorkeuzezenders weer.
  5. Automatisch opslaan Slaat frequenties met de beste ontvangst automatisch op onder de voorkeuzetoetsen.
  6. RDS menu Geeft het RDS menu weer.
  7. RDS informatie Geeft informatie over de RDS uitzendingen weer.

Met de toets Radio Mode (radiomodus)

Met de toets Radio Mode

Als u op de toets drukt, gaat u naar een andere modus in de volgorde FM1 FM2 FMA AM AMA Als u [Pop up Mode] (Pop upmodus) inschakelt in [Display] (weergave) en vervolgens op de toets drukt, wordt het pop upscherm Radio Mode (radiomodus) weergegeven Draai de knop TUNE (afstemmen) om de focus te verplaatsen. Druk op de knop om een optie te selecteren.

SEEK (zoeken)

Druk op de toets om de vorige of volgende frequentie af te spelen.

TUNE (afstemmen)

Draai de knop TUNE (afstemmen) om de gewenste frequentie te selecteren.

Voorkeuzezenders selecteren/opslaan Druk op de toetsen 1~6 om de gewenste voorkeuzezender af te spelen Druk op de toets [Preset] (voorkeuze) om de zenderinformatie weer te geven voor de frequentie die onder elke toets is opgeslagen.

Als u een frequentie beluistert die u als een voorkeuzezender wilt opslaan, houdt u een van de toetsen 1~6 ingedrukt om de huidige frequentie onder de geselecteerde voorkeuzezender op te slaan.

Automatisch opslaan

Druk op de toets [Auto store] (Automatisch opslaan) om frequenties die worden ontvangen, automatisch onder voorkeuzetoetsen op te slaan Terwijl frequenties automatisch worden opgeslagen, drukt u opnieuw op de toets [Automatisch opslaan] om de functie te annuleren en de vorige frequentie te herstellen.

Automatisch opslaan

RDS menu

Druk op de toets [RDS Menu] om de Alternatieve frequentie, Regio en Nieuwsberichten in te stellen Het RDS Menu wordt niet ondersteund in de modus AM of AMA.

Scannen

Op de toets drukken: elke uitzending wordt gedurende 5 seconden weergegeven Als het scannen eenmaal is voltooid, wordt de vorige frequentie hersteld Als u tijdens het scannen de toets ingedrukt houdt, wordt het scannen geannuleerd.

TA (verkeersinformatie)

TA (verkeersinformatie)

Druk op de toets om de functie TA (verkeersinformatie) in of uit te schakelen.

    LESEN SIE MEHR:

     KIA Optima (JF) - Instructieboekje (2015-2020) > Kenmerken van uw audio

    ❈ De functies in het voertuig wijken mogelijk af van deze op de afbeelding. 1. Werpt de cd uit.

     KIA Optima (JF) - Instructieboekje (2015-2020) > RADIO (type B )RADIO (type B )

    Bediening radiomodus Functieweergave Geeft de huidige modus weer. Frequentie Geeft de huidige frequentie weer. Voorkeuze Geeft het huidige voorkeuzenummer weer 1~6 . Voorkeuzeweergave Geeft voorkeuzetoetsen weer. Automatisch opslaan Slaat frequenties met de beste ontvangst automatisch op onder de voorkeuzetoetsen.

     Ford Mondeo Vijfde generatie (Mk5) - Instructieboekje (2013-2022) > Informatie elektrisch voertuig

    Krachtoverbrenging   Informatie over het stroomverbruik van uw hybride auto is beschikbaar via het gedeelte Apps van het aanraakscherm.   Aanduiding  Item  Omschrijving  A  Vermogen Dit wijst erop welke modus actief is in het voertuigsysteem.  Menu-item  Actie en omschrijving  Status: hybride aandrijving De elektromotor en de benzinemotor drijven de auto aan.  Status: Hoogvoltage-accu wordt opgeladen Het hybride systeem slaat vermogen op in de hoogspanningsaccu.  Status: inactief De auto staat stil of deelt erg weinig vermogen tussen de onderdelen van het elektrische systeem.  Status: elektrische aandrijving De auto rijdt in elektrische modus (het vermogen komt van de elektromotor). In deze modus is de benzinemotor uitgeschakeld.  B  Stroom van motor naar wielen  Toont de richting van de stroom tussen de wielen en de elektromotor.  C  Elektr. motor Stelt de hybride elektromotor voor. Hoe hoger het motorvermogen, des te groter de cirkel rond dit knooppunt zal zijn. Wanneer de auto klaar is voor vertrek, gaat het motorknooppunt branden.  D  Stroom accu naar motor  1  Geeft de richting van de stroom tussen de hoogspanningsaccu en de elektromotor weer. Een stroom naar de motor toe wijst erop dat de accu vermogen levert om de auto aan te drijven (de accu wordt ontladen). Een stroom naar de accu toe wijst erop dat de elektromotor stroom levert aan de accu (de accu wordt opgeladen).  E  Overig 2  Omvat alle stroomverbruik van de accessoires met laagspanning, zoals de ventilator voor klimaatregeling, koplampen en stoelverwarming. Hoe hoger het stroomverbruik van deze accessoires, des te groter de cirkel rond het knooppunt zal zijn. Dit knooppunt gaat branden telkens wanneer de auto is ingeschakeld aangezien er steeds een minimum aan energie wordt verbruikt.  F  Temperatuurregeling 2,3  Omvat het stroomverbruik van de hoogspanningscomponenten voor klimaatregeling, zoals de elektrische aircocompressor. Hoe hoger het stroomverbruik van deze componenten, des te groter de cirkel rond dit knooppunt zal zijn.  G  Accu Stelt uw hoogspanningsaccu voor. Er brandt een cirkel rond het knooppunt wanneer de hoogspanningsaccu vermogen ontvangt van regeneratief remmen of opladen via de motor. Hoe hoger de stroom naar de hoogspanningsaccu, des te groter de cirkel rond dit knooppunt zal zijn.  H  Brandst. Stelt de brandstoftank in de auto voor.  I  Stroom brandstof naar motor  Toont de stroom van de brandstoftank naar de motor wanneer de motor draait en brandstof verbruikt (soms draait de motor maar verbruikt deze geen brandstof). Wanneer de motor draait, maar geen brandstof verbruikt, is het motorknooppunt actief, maar is het brandstofpad uit. Een voorbeeld hiervan is wanneer u het gaspedaal niet intrapt en de auto tegen een hoge snelheid rijdt.  J  Motor aan wegens: Geeft u de reden(en) waarom de benzinemotor draait. Wanneer de benzinemotor is uitgeschakeld, verschijnt deze weergave niet. De redenen voor Motor draait omwille van worden weergegeven door het systeem in een tabel na deze lijst.  K  Stroom van motor naar motor  Toont de richting van de stroom tussen de motor en de elektromotor. De richting wijst erop dat de motor stroom levert aan het elektrisch hoogspanningssysteem of dat het elektrisch hoogspanningssysteem vermogen levert om de motor te regelen of te starten.  L  Motor Geeft de benzinemotor weer. Dit gaat alleen branden wanneer de benzinemotor is ingeschakeld. Hoe hoger het motorvermogen, des te groter de cirkel rond dit knooppunt zal zijn.  M  Stroom van motor naar wielen  Toont de richting van de stroom tussen de motor en de wielen.  N  Aandrijv. Geeft het vermogen naar de wielen weer. Hoe hoger het wielvermogen, des te groter de cirkel rond dit knooppunt zal zijn. Wanneer de motor is uitgeschakeld, wordt het aandrijfvermogen in het blauw weergegeven. Wanneer de motor is ingeschakeld, wordt het aandrijfvermogen in het grijs weergegeven.