Voorstoel afstellen: handmatig
Vooruit en achteruit

Verstel de stoel als volgt vooruit of achteruit:
- Houd de hendel voor de langsverstelling omhooggetrokken.
- Schuif de stoel in de gewenste positie.
- Laat de hendel los en controleer of de stoel vergrendeld is.
Stel de stoel af voordat u gaat rijden en controleer of de stoel goed
vergrendeld is door te proberen deze handmatig naar voren of achteren te
schuiven. Als de stoel beweegt, dan is hij niet goed vergrendeld.
Rugleuningverstelling

Stel de rugleuning als volgt af:
- Leun iets naar voren en trek de hendel van de
rugleuningverstelling omhoog.
- Leun vervolgens voorzichtig achterover en verstel de rugleuning in de
gewenste positie.
- Laat de hendel los en controleer of de rugleuning is vergrendeld. (De
hendel MOET in de oorspronkelijke positie staan om de rugleuning te
vergrendelen.)
Stoelhoogte

Duw de hendel omhoog of omlaag om de hoogte van de zitting te veranderen.
- Duw de hendel een aantal keren omlaag om de zitting lager af te
stellen.
- Trek de hendel een aantal trek omhoog om de zitting hoger af te
stellen.
Lendensteun (indien van toepassing)

De lendensteun kan worden versteld door de schakelaar van de lendensteun
op de zijkant van de bestuurdersstoel in te drukken.
- Druk op de voorzijde van de schakelaar voor meer steun en op de
achterzijde voor minder steun.
- Laat de schakelaar los zodra de steun in de gewenste stand
staat.
LESEN SIE MEHR:
Bestuurdersstoel
Vooruit en achteruit
Rugleuningverstelling
Zittinghoogte
Lendensteun
Geheugen bestuurdersstoel*
Hoofdsteun
De voorstoel kan worden afgesteld met de bedieningsschakelaars aan de
buitenzijde van de zitting. Stel voor het rijden de stoel af in de juiste
stand zodat u het stuurwiel, de pedalen en de schakelaars op het dashboard
gemakkelijk kunt bedienen.
■ Gebied dat op het scherm wordt weergegeven
De Parking Assist Monitor geeft,
vanaf de achterbumper, een beeld
weer van het gebied achter de auto.
Het beeld van de Lexus Parking
Assist Monitor kan worden aangepast.
Het gebied dat op het scherm wordt
weergegeven, is afhankelijk van de
stand van de auto.
De camera kan geen objecten signaleren
die zich te dicht bij de hoeken
van de bumper of onder de bumper
bevinden.
De camera is voorzien van een speciale
lens. De afstand op het beeld op
het scherm wijkt af van de werkelijke
afstand.
Objecten die zich op een hogere
plaats bevinden dan de camera, worden
mogelijk niet weergegeven op
het scherm.