De volgende verklikkerlampjes geven aan dat de desbetreffende functie handmatig is uitgeschakeld.
Soms klinkt er ook een geluidssignaal en verschijnt er een melding op het display van het instrumentenpaneel.
Controlelampje | Status | Oorzaak | Acties / Opmerkingen | |
![]() |
Passagiersairbag | permanent, op het display van de verklikkerlampjes voor de veiligheidsgordels en de airbag vóór aan passagierszijde. | De schakelaar in het dashboardkastje
staat in de stand "OFF".
De airbag vóór aan passagierszijde is uitgeschakeld. U kunt een kinderzitje met de "rug in de rijrichting" plaatsen, behalve in het geval van een storing in het airbagsysteem (brandend verklikkerlampje Airbags). |
Zet de schakelaar in de stand "ON" om de airbag vóór
aan passagierszijde in te schakelen.
Bevestig in dit geval op deze zitplaats geen kinderzitje met de "rug in de rijrichting". |
![]() |
Elektronisch stabiliteitsprogramma (ESP /ASR) | permanent. | De toets is ingedrukt en het
verklikkerlampje brandt.
De functie ESP/ASR is uitgeschakeld. ESP: dynamische stabiliteitscontrole. ASR: antislipregeling. |
Druk op de toets om de functie ESP/ASR in te schakelen. Het
verklikkerlampje dooft.
De functie ESP/ASR wordt automatisch ingeschakeld als de motor wordt gestart. Na uitschakelen van het systeem wordt het automatisch opnieuw ingeschakeld bij snelheden hoger dan ongeveer 50 km/h. Raadpleeg de desbetreffende rubriek voor meer informatie over het ESP-systeem (ESP/ASR). |